1 / 10
2 / 10
3 / 10
4 / 10
5 / 10
6 / 10
7 / 10
8 / 10
9 / 10
10 / 10

Een aantal wetenswaardigheden over schaatsmateriaal

Schaatsen algemeen
Schaatsen is een echte technieksport. Om de vereiste techniek goed aan te kunnen leren en/of verbeteren zijn goede schaatsen een ‘must’! Als u schaatsen wilt aanschaffen vindt u hier een aantal handige tips. Ook kunt u een kijkje nemen op deze zeer uitgebreide site.

Er zijn erg veel verschillende soorten schaatsen op de markt. Denk hierbij aan; ijshockeyschaatsen, kunstschaatsen, rondrijders, houtjes (in vele verschillende soorten en maten), easy-gliders, combischaatsen, ‘normale’ noren (hier heb je tegenwoordig ook tal van merken en typen van op de markt), klapschaatsen, kluunschaatsen (= langlaufschoen met een ijzer eronder) en noem maar op.

Wij zullen ons beperken tot de zgn. ‘lange ijzers’ voor het langebaan schaatsen. Hieronder vallen de houtjes, easy-gliders, lage- en hoge noren, de combischaatsen, klapschaatsen en kluunschaatsen.
Het gaat te diep om alle schaatsen uitgebreid aan bod te laten komen en alle eigenschappen van ieder verschillend model en/of merk te behandelen. Vandaar dat we het houden bij de ‘basisprincipes’ van een goede schaats oftewel: ‘waaraan voldoet een goede schaats’.

Omdat de schoen van een klapschaats qua pasvorm, eigenschappen, ed. hetzelfde is als een ‘normale’ noor wordt deze in het komende stuk niet apart genoemd.

Het verschil tussen lage- en hoge noren
Allereerst: Het fabeltje ‘met lage noren kun je geen bochten lopen, want dan kom je met de buitenkant van de linkerschoen op het ijs’ is onzin! Dit verhaal gaat pas op als er -in de binnenbocht- sneller geschaatst wordt dan ongeveer vijftig seconden per ronde. Als men langzamer schaatst en de linkerschoen raakt met de buitenkant het ijs is dit een kwestie van techniek!

Lage noren zijn de zgn. toernoren. De zgn. ‘potten’ tussen schoen en buis/ijzer zijn laag, men staat dus met de schoen dichter bij het ijs. Dit betekent minder moeite met evenwicht bewaren, men staat stabieler. In de praktijk merkt men dat men minder snel naar binnen zwikt en minder last heeft van vermoeide en/of pijnlijke voeten en enkels. Lage noren zijn dus ideaal voor de beginnende schaatser.

Hoge noren daarentegen zijn oorspronkelijk ontwikkelt voor kunstijs en/of wedstrijden te rijden. De potten tussen schoen en buis/ijzer zijn hoog. Dit omdat als er hard geschaatst wordt de bochten niet meer (goed) gelopen kunnen worden. De buitenkant van de linkerschoen komt dan op het ijs.
Kijk bijvoorbeeld naar ‘shorttrack-schaatsen’ bij deze schaatsen zijn de potten extra hoog (en staan de ijzers zelfs wat scheef onder de schoenen) voor de nog snellere/ scherpere bochten die men daar rijdt.

Onderhoud van schaatsen
Vet leren schoenen niet te vaak in want dan wordt het leer te soepel en dan gaat de steun verloren. Het vet trekt niet alleen in de schoen, maar ook in het contrefort (= ‘hielkap’) en hiervoor geldt: hoe harder het contrefort, hoe meer steun.

Als je de ijzers invet, tegen roestvorming, zorg er dan voor dat je het vet (bijvoorbeeld: zuurvrije vaseline) in het schaatsseizoen niet op het glij- en afzetvlak van de ijzers smeert. Voor het schaatsen dus altijd controleren, als je de ijzers hebt ingevet, of de glij- en afzetvlakken van de ijzers vrij zijn van vet!

Zorg altijd voor scherpe schaatsen. (“De échte schaatsliefhebber slijpt de schaatsen uiteraard zelf onder het genot van één of meerdere Jägermeistertjes…”). Controleer zo nu en dan of de ijzers nog recht zijn. Dit is goed te zien met ‘het blote oog’. Controleer tevens of de schaatsen nog vrij zijn van ‘bramen’. Dit kun je controleren door te voelen met de nagel.

Laat eens in de zoveel tijd (dit ligt aan het aantal keer en hoe vakkundig men de schaatsen slijpt) de ronding opnieuw zetten. De ronding is simpel gezegd de ‘rondheid’ van de ijzers waardoor met de schaats gestuurd kan worden en de voor het schaatsenrijden zo specifieke S-beweging gemaakt kan worden.

Meer informatie over het slijpen van de schaatsen en de ronding? Wij verzorgen in het begin en op de helft van ieder schaatsseizoen schaatsenslijpcursussen.

Zorg voor veters die heel zijn!
Als de veters te lang zijn kan men ze op de helft doorknippen, maak dan wel een knoopje in de uiteinden!
Een te lange veter liefst niet om de schoen binden i.v.m. het afknellen van de voet/bloedvaten. Als men hier toch voor kiest let er dan op dat de veter achter de achterste pot langsgaat = minder kans op het afknellen van de voet.

Vervoer de schaatsen het liefst in aparte -en droge- hoesjes van een vocht opnemende stof (handdoek / theedoek o.i.d.). Liefst niet in de plastic (kluun-) hoezen. Deze zijn meestal wat vochtig en dit zorgt voor roest op de ijzers! Als de schaatsen toch in de kluunhoezen vervoerd worden zorg er dan voor dat deze droog en zandvrij zijn.
Bij thuiskomst de ijzers altijd nog een keer droog maken!

Verschillende soorten schaatsen

De leren schaats; laag-, middel-, en hoogmodel (hier wordt later nog op teruggekomen).
Voor een goede leren schaats is het belangrijk dat deze ‘aan’ zit (gemeten met een dunne sportsok aan of met blote voeten én staand in de juiste schaatshouding). Dat wil zeggen dat met de langste teen -in de meeste gevallen de grote teen maar als een andere teen langer is moet die maat aanhouden worden- net wel/niet tegen de voorkant van de schaatsschoen aan moet komen (géén krultenen!). Een goede leren schaatsschoen gaat namelijk precies naar de voet staan bij regelmatig gebruik. Vaak heb je in het begin wel zere voeten of last van drukpunten op bepaalde plaatsen maar dit gaat bij leren schaatsen meestal vanzelf over.
Dit proces kan versneld door bijvoorbeeld de pijnlijke plaatsen in de schoen in te wrijven met spiritus, al dan niet aangelengd met water.

De houten schaats; blokjes, houten noren, Friesche doorlopers, etc.
Allereerst: draag bij een houtenschaats altijd een stevige schoen die de enkel omsluit (een bergschoen o.i.d.)! Hieronder kan de schaats goed worden vastgemaakt en wordt het zwikken van de enkels tegengegaan. Dit geldt voor zowel kinderen als voor volwassenen.
Bij het dragen van houtenschaatsen is het belangrijk dat ze goed aan de schoen vast zitten zodat de schaatsen niet onder de schoen heen en weer kunnen schuiven. Bij kinderen raden we daarom aan om de houten schaatsen vast te schroeven aan de schoenen. Bij volwassenen is een goede stevige schoen genoeg.
De bandjes om de schaats mee vast te maken moeten uiteraard niet versleten zijn, dat houdt in dat de leren delen af en toe ingevet moeten worden.

De maat van houten schaatsen is aangegeven in cm’s.
Tip: om van centimeter maten de schoenmaat te maken; Centimeter maat delen door twee en vermenigvuldigen met drie. (Bijv. 26cm = 26 / 2 x 3 = schoenmaat 39.)

De easy-glider. De moderne, plastic variant van de houten schaats.
Allereerst: draag ook bij de easy-glider altijd een stevige schoen die de enkel omsluit! Hieronder kan de schaats goed worden vastgemaakt en wordt het zwikken van de enkels tegen gegaan. Dit geldt voor zowel kinderen als voor volwassenen.
De plastic sluiting maakt het mogelijk de schaats snel en gemakkelijk onder te binden. Hulp is veelal niet meer nodig. Men kan, zonder de riemen los te maken de banden wat strakker aantrekken. De veilige achterkant voorkomt verwondingen bij valpartijen. De easy-glider heeft een breed frame. Dit zorgt voor een betere stabiliteit van de schaatsen. Nadeel is dat het hielstuk erg breed is. Voor sommige kinderen betekent dit dat de schoen juist niet stabiel staat.
De maten: S = 26-30. M = 31-35. L = 35-39. XL = 40-43/44 

De combischaats
Dit is een schaats met lage potten en een hoge kunststofschoen of een zgn. softboot. De combischaats is een ideale toerschaats omdat de enkels niet kunnen zwikken door de hoge stevige schoen. Qua pasvorm lijkt het wel wat op de houtenschaats met daarop een bergschoen. De maat is meestal dezelfde als de schoenmaat. Men kan er zowel dunne-, als dikke sokken in dragen, net wat men prettig vindt. De sluiting is met klippen, met veters of met een klip-veter combinatie. Deze schaats is tevens ‘lekker warm’.
Voordeel: nooit meer last van de voeten en/of enkels.
Nadeel: de (gevorderde) schaatser mist het ‘gevoel’ met het ijs.

Schaatsen met kuipschoenen; laag-, middel-, en hoogmodel.
Dit zijn schaatsen met voorgevormde schoenen (de zgn. kuipschoenen). Dit wil zeggen dat deze modellen niet naar de voet gaan staan. Deze moeten dus bij aanschaf meteen goed / lekker zitten. Ook hierin draagt men een dun sportsokje of blote voeten.
Ook kan de stand van de schoen t.o.v. het ijzer veranderd worden doordat de schaatsen demontabel zijn. Tevens kunnen er klapsetjes tussen schoen en ijzer gemonteerd worden of kunnen er skeelerframes onder de schoenen worden gezet. De potten (verbindingen tussen ijzer en schoen) zijn van plastik en geven dus iets minder kou door dan de ijzeren potten bij de leren noren.

De duurdere modellen hebben een thermoplastisch contrefort (contrefort = de hielkap die de gehele hak/hiel omsluit en er voor zorgt dat je steun hebt in de schoen) of de hele kuip is zelfs thermoplastisch. Deze schoenen kunnen door middel van verhitting precies naar de voet worden gezet.
Uiteraard zijn er ook schoenen die geheel naar de voet gemaakt kunnen worden.

Adviezen m.b.t. de schaatslessen
Een aanrader als u nog twijfelt over welke schaatsen u wilt kiezen: (bijna) alle soorten schaatsen voor de jeugd én volwassenen kunnen zowel gehuurd als gekocht worden bij de sportshop aan de ijsbaan. Bij twijfel kunt u het beste eerst testen / huren!

Voor de aanschaf van schaatsen raden wij aan om in ieder geval naar een schaats-speciaalzaak te gaan. U krijgt daar het beste advies van mensen met verstand van schaatsen. Ook worden de schaatsen bij een speciaalzaak (bijna) altijd geslepen en in de ronding gezet (wat in een standaard sportshop meestal niet gebeurd). 
Als u een cursus bij ons volgt ontvangt u bij de aanschaf van nieuwe schaatsen bij FortySix Sport (de sportshop op de Meent Bauerfeind) tien procent korting. Deze geldt alleen voor schaatsen en niet voor kleding ed.

Schaatsen voor de jeugd
Ook voor de jeugd geldt: bij twijfel eerst testen / huren!
Wij raden aan om op plastic ‘Zandstra easy-gliders’, houten schaatsen of combischaatsen te beginnen. Hierop staan de kinderen veel steviger dan op noren. Omdat de kinderen dichter bij het ijs staan, krijgen zij dus lang niet zo snel zere en vermoeide enkels en voeten. Kijk voor meer informatie over deze soorten schaatsen in het stuk ‘verschillende soorten schaatsen’.
Uiteraard kunnen de kinderen ook aan onze schaatslessen deelnemen op noren maar… onze lessen zijn niet bedoeld voor ijshockey- en/of kunstschaatsen!

Let bij het aanschaffen van easy-gliders op de maat. De schoen moet precies op het ‘rulle’ gedeelte van de zwarte voetplaat staan. De voorste band moet over de neus van de schoen sluiten, zodat deze band strak aangetrokken kan worden.
Koop/huur de schaatsen niet te groot of te klein. De easy-glider is te groot als de voorste band voor- of net aan tegen- de neus van de schoen komt. De easy-glider is te klein als de neus van de schoen tegen de voorkant van de schaats komt. De punt van de schaats ‘moet’ altijd voor de schoen uitsteken. Anders gaan de kinderen lopen met de schaatsen.

Tot slot
Mocht het schaatsen op een bepaald model schaats niet lukken probeert u het dan eens met een ander model. Het gaat tenslotte om het schaatsplezier!

Kledingadvies
Zorg voor warme kleding (meerdere lagen).
Zet een muts op.
Handschoenen of wanten zijn verplicht op de ijsbaan!


Copyright: © 2003-2019 Schaats- en Skeelerschool In Balans BV. Alle rechten voorbehouden.
Contact|Beheer|Ontwerp en realisatie: Artexion, Heerhugowaard